Verwarring alom!

Verwarring alom!

Maandagochtend, dus aan het werk, Heiko! Fruitbomen snoeien waarschijnlijk… Mis! Hij kon namelijk samen met collega Anton twee aanhangertjes met zwarte grond ophalen. Dat moest ergens over een grasveld verspreid worden. Daar zaten diepe autosporen in. Nadat alles was gladgestreken werd er graszaad ingezaaid. Bij een zeer stevige wind! Hoeveel graszaad er aan het einde van de dag nog ligt is maar de vraag. We zullen zien hoe het er over twee maanden uitziet. Dan zou het eigenlijk weer mooi groen moeten zijn. Na deze klus werden ze door baas Örtengren het dak opgestuurd. Letterlijk! Aan de Storgatan, de hoofd-winkelstraat van Tranås, staan verschillende grote gebouwen met winkels onderin en drie of vier lagen woningen daarbovenop.

Bij een van die gebouwen moesten ze aan de achterkant, op het dakterras, een bepaald oppervlak tegels verwijderen en het onderliggend zand wegscheppen. Er was sprake van lekkage en om die te kunnen vinden moest het dak zichtbaar gemaakt worden. Een klusje van een uurtje. Onder de tegels en het zand vonden ze twee drainagebuizen, echter geen water. De opdrachtgever en huurbaas kwam nog even langs en was tevreden over het verrichte werk, maar had liever meteen de oorzaak van de lekkage ontdekt. Hij zou een loodgieter langsturen, die de leidingen van binnenuit moest gaan inspecteren.

We hadden al een paar sneeuwklokjes in de tuin ontdekt en gisteren zag ik deze twee bloeiende plantjes staan. Nee, dit zijn geen sneeuwklokjes. Het zijn lenteklokjes! Ik lieg niet, het is echt de naam van dit plantje! Een lenteklokje is een zeer zeldzaam bolgewas van 10 tot 30 cm hoog. Ze groeit op vochtige, voedselrijke grond. Het lenteklokje bloeit vanaf februari tot en met april met witte, klokvormige, hangende bloemen. Meestal 1 per stengel, heel soms 2. Ze bloeit gewoonlijk een week of 2 later dan een gewoon sneeuwklokje. De bloemdekbladen zijn breed, alle 6 vrijwel even lang en hebben een groen of geel gevlekte stompe top. De bladloze, samengedrukte stengel heeft twee smalle lijsten.

Verwar dit plantje niet met het zomerklokje! Dat is een bolgewas van 30 tot 60 cm hoog. Die groeit het meest in moerassige weilanden en natte bossen. Vanaf april tot en met juni bloeit het zomerklokje met witte, klokvormige, hangende bloemen. Met (2) 3 tot 5 (7) bloemen aan het einde van de stengels. De bloemdek-bladen zijn breed, alle 6 vrijwel even lang en hebben een groen of geel gevlekte stompe top. En daarmee is de verwarring gróót! De bladloze, samengedrukte stengel heeft twee smalle lijsten, die bij originele wilde planten ruw aanvoelen door enkele kleine tandjes.

Of het niet al ingewikkeld genoeg is: we hebben uiteraard nog het sneeuwklokje! Dit verwilderd bolgewas groeit in pollen. Het meest zijn ze te vinden op een voedselrijke bodem, in gemengde loofbossen en op grazige plaatsen. Daar waar ze eenmaal groeien, houden ze vaak onbeperkt stand. De bloeiperiode begint in februari en loopt door tot in maart of april. Het einde van de stengel wordt samen met de bloemknop door een bloemschede beschermd. De hangende bloemen hebben 6 bloemdekbladen. De drie buitenste bloemdek-bladen zijn geheel wit, de drie binnenste zijn de helft in lengte van de buitenste en hebben een uitgerande top met een V-vormige groene vlek.

Hoezo “verwarrend”?

Vanmiddag werden de twee collega´s, Heiko en Anton uit elkaar gehaald. Anton mocht elders gaten graven voor twee fruitbomen, die daar later ingepland zouden gaan worden. Heiko kreeg instructies mee, om bij een groot bedrijfsmatig nieuwbouwproject de grond klaar te maken, voor het aanplanten van de tuin. Eveneens kreeg hij de tekeningen en beschrijving mee voor de aanplant. Hij moest, nadat de grond vlak gestreken was, de juiste planten klaarzetten bij de juiste plantvakken. In totaal waren dat er 160 stuks. Morgen gaan ze de planten daadwerkelijk uitzetten en kan er een start gemaakt worden met het poten. Toen Heiko thuiskwam wilde hij maar een ding: douchen! Er stond namelijk een zeer stevige wind vandaag en op het open bedrijfsterrein waar hij aan het werk was stoof het enorm! Veel zand vloog in het rond en het zat Heiko werkelijk overal. Na een verfrissende douche, waarbij alle stof weggespoeld werd, was het tijd voor een gezamenlijk kopje koffie en het doornemen van de dag.

Hierbij kon ik hem vertellen, dat de verfkwast ter hand was genomen. Daar waar in de kelderhal en het stookhok vorige week oude leidingen verwijderd waren, moest het een en ander weer netjes gemaakt worden. Ik begon met het verven van de beschadigde plekken in de kelderhal. Daarbij nam ik meteen het kozijn van de deur naar de hal ook maar mee. Die was niet meer echt “representatief” te noemen. Rond het raampje werd het daarna netjes gemaakt. Nee, een duidelijke foto is het niet geworden. Lastig met tegenlicht.

Op dat moment had ik verf voor hout aan de kwast en bedacht ik me, dat de stoeltjes van het bistrosetje houten zittingen en leuningen hebben. Ze waren voor de winter naar binnen gebracht. Inderdaad met de bedoeling om ze weer in de verf te zetten. Die stoeltjes had Heiko al geschuurd. Hij had onlangs de schuurmachine gebruikt en die twee stoeltjes zien staan. Meteen had hij de latjes maar meegenomen en ze flink geschuurd. Dat scheelde mij een vervelend klusje, waardoor ik de plankjes vandaag meteen kon gaan verven. De rest moet met Hammerite. Maar of we dat nog in wit hebben?

Als laatste kreeg het kattenluikje van Ebba, die in de buitendeur, de randen wit. Die nieuwe was immers stukken kleiner dan de oude, waardoor er hier en daar een beetje “uitgestukt” moest worden. Er kwamen een paar nieuwe latjes bij in. Die werden nu wit. Na een rustmoment later opende ik de emmer met witte verf voor muren. De oude wandschakelaar was van de muur in het stookhok gehaald en liet een donkere plek achter. Die werd nu weer wit. Tegelijkertijd nam ik de rand onder het deurkozijn nog eventjes mee. Die was inmiddels meer grijs-grauw geworden. Lang zal dit niet wit blijven: daar gaat vaak de kruiwagen met hout overheen. Voor nu is het toch weer helder-der!

Dat het niet alleen in Tranås erg waaide was duidelijk te zien aan de bomen. Hier in Ödarp stonden de bomen eveneens behoorlijk te zwiepen. Zo ook de overgebleven grote spar: die stond behoorlijk scheef door die sterke wind. Die lijkt al wel twintig centimeter (of meer) naar links te hellen. Die staat zeker niet meer recht. Hopelijk blijven de hoge windkrachten nu weg, want anders zien we het somber voor deze grote jongen in. Zou jammer zijn wanneer die ook nog neer gaat. De hoge populieren van onze buurman bogen eveneens behoorlijk door! Dat die linker nog overeind staat is een klein wondertje. Die had de stormen van 17 en 29 januari doorstaan, maar was evenzo wel al behoorlijk gaan overhangen. Hou vol, jongens!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


CAPTCHA Image
Reload Image

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.