De poolexpeditie van Andrée

De poolexpeditie van Andrée

Omdat wij het zo´n indrukwekkend verhaal vonden dat we in het Polarmuseum te Gränna gezien en gelezen hebben, willen we nog graag wat uitgebreider stilstaan bij de poolexpeditie van ingenieur Andrée.

De Noordpool heeft de mensheid lange tijd geboeid. De tijd na A.E. Nordenskiölds Groenland-expeditie 1883 kan worden gezien als een tijd van herstel in het Zweedse poolonderzoek. Die jaren waren ook een tijd van voorbereiding. Een moderne technologie wachtte om zijn intrede te doen. De noordpool bleef echter nog steeds een onbereikbaar doel. In augustus 1896 was Fridtjof Nansen teruggekeerd van zijn grote Fram-expeditie, eveneens zonder de Noordpool te hebben bereikt. Het is tegen deze achtergrond, dat de hoofdingenieur van het Koninklijk Octrooibureau in Stockholm, Salomon August Andrée (geboren 1854 te Gränna), op het idee kwam, om met behulp van een gasballon de Noordpool te bereiken en tegelijkertijd een geografische verkenning van het omringende poolgebied uit te voeren. Andrée was al op jonge leeftijd gefascineerd door de kunst van het luchtzeilen, na een reis naar de VS in de jaren 1870. Met de hulp van de Lars Hierta Foundation kon hij later zijn eigen ballon, Svea, bemachtigen waarmee hij in totaal negen vluchten maakte.

Andrée had eerder enige Arctische ervaring, aangezien hij de winter op Spitsbergen 1882-1883 had doorgebracht als deelnemer aan de Zweedse expeditie, tijdens het eerste Internationale Pooljaar. Het idee van een poolreis via de lucht groeide nu meer en meer bij hem. Hij presenteerde zijn plannen aan A.E. Nordenskiöld die hem enthousiast steunde en in 1895 presenteerde hij zijn project met een lezing voor de Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen in Stockholm. Deze lezing werd snel gepubliceerd. Zowel in Aftonbladet, als in Göteborgs Handels- och Sjöfartstidning in brochurevorm. Krantenkoppen als: “Wie is er dichter bij een dergelijke poging dan wij Zweden?” en “Vergis ik me door te zeggen dat, net zoals we hopen en verwachten, dat de volkeren van Midden- en Zuid-Europa Afrika zullen verkennen, ze dan van ons verwachten, dat we het blanke deel van de wereld zullen verkennen?” Dit waren grote woorden die bedoeld waren om nationale snaren te raken.

Andrée’s plannen stuitten aanvankelijk op tegenstand binnen de gevestigde kringen in poolonderzoek, maar de publieke opinie keerde al snel in zijn voordeel. Hij had vrij vlot het bedrag van SEK 130.000 bijeen voor de expeditiekosten. Gegarandeerd door subsidies van koning Oscar II, Alfred Nobel en Oscar Dickson in Göteborg. Hierdoor kon de expeditie al in 1896 worden uitgevoerd en gingen de voorbereidingen nu in een stroomversnelling. Andrée’s connecties met de stad Göteborg waren al goed en zijn broer, zeekapitein Ernst Andrée, woonde hier. Dit was een actieve man en hij kreeg nu een centrale positie tijdens de voorbereidingen van de uitrusting voor de expeditie.
   
De poolballon werd vervaardigd door de beroemde Franse ballon fabrikant Henri Lachambre en in mei 1896 rechtstreeks vanuit Parijs aan Göteborg geleverd. De stoomboot genaamd Virgo van de rederij Ahrenberg in Göteborg werd vastgelegd en dat schip stond onder bevel van kapitein Hugo Zachau. Om vanaf een plek op Spitsbergen met de ballon richting de Noordpool te kunnen starten, was een montageklaar beschermend ballonhuis nodig om de ballon te beschermen. De tekeningen hiervoor zijn gemaakt door de ingenieur Ivar Svedberg, die bij de mijnen van Billesholm in Skåne werkte. De opdracht om het ballonhuis op Spitsbergen te bouwen ging naar het bouwbedrijf F.O. Peterson in Göteborg. In het voorjaar van 1896 werd het gebouw aan de Johannesplatsen bij Stigbergsliden in Göteborg getest, wat veel publieke aandacht trok.

Andrée had doctor Nils Ekholm (1848-1923), een metgezel aan de Meteorologische Centrale in Stockholm, en Nils Strindberg, een assistent-professor aan de Universiteit van Stockholm (1872-1897), aangesteld als zijn metgezel op de poolreis. Ekholm had samen met Andrée deelgenomen aan bovengenoemde overwintering op Spitsbergen. Op 7 juni 1896 verliet de expeditie Göteborg tijdens grote festiviteiten, om via Tromsö naar Danskön in het noordwesten van Spitsbergen te gaan. Daar werd een basiskamp opgericht en het kant-en-klare ballonhuis gebouwd. Alles stond klaar om te starten en het enige wat ontbrak was de juiste zuidenwind, die nodig was om de ballon richting de Noordpool te brengen. De hele zomer van 1896 verliep echter zonder gunstige windomstandigheden en op 20 augustus verlieten ze Danskön. Tijdens de zomer had Nils Ekholm verklaard, dat de lekkage van het gas uit de ballon aanzienlijk groter was dan verwacht en hij eiste, dat dit vóór de expeditie van volgend jaar zou worden verholpen. Verbeteringen achtte Andrée echter niet nodig. Dit leidde tot een conflict tussen Andrée en Ekholm, waardoor de laatste zijn plaats in de expeditie opgaf en er steeds meer kritische stemmen tegen het project kwamen.


De lente en zomer van 1897 naderden echter snel en de voorbereidingen voor een nieuwe poolreis begonnen. Andrée had Knut Fraenkel (1870-1897) aangesteld als vervanger van Nils Ekholm. Tevens werd, voor het geval iemand verhinderd raakte, luitenant Gustaf Vilhelm Emanuel Swedenborg (1869-1943), als reserve bemanningslid aangesteld. Op 18 mei 1897 vertrok de expeditie met de kanonneerboot van de vloot, Svensksund, die dat jaar ter beschikking was gesteld aan de expeditie. Op 30 mei waren ze terug op Danskön en gingen ze door met de voorbereidingen. Op 11 juli kwam eindelijk de juiste wind en steeg de ballon, genaamd Örnen, op. Richting de Noordpool. Door een ongeval bij de start kwamen echter de sleepkabels van de ballon los. Als gevolg hiervan verloor de ballon zijn bestuurbaarheid en in plaats daarvan was de ballon volledig aan de wind overgeleverd.


De ballon en zijn bemanning verdween over de ijskappen en het leven keerde terug naar normaal. Er gingen weken en maanden voorbij zonder enige informatie van de poolreizigers. Met uitzondering van een bericht via een van de meegenomen postduiven. De postduif werd een paar dagen na de opstijging neergeschoten. Het bericht van de postduif werd gevonden en gelezen en gaf aan, dat alles goed aan boord was. De verspreiding van geruchten nam een ​​vlucht en de expeditie was hier en daar al bejubeld. Alle berichten bleken echter vals te zijn en de stilte viel over de expeditie en het lot ervan.

Tot de zomer van 1930 toen een Noors vissers- en onderzoeksschip per ongeluk het kamp van Andrée en zijn bemanning op Vitön ten oosten van Spitsbergen aantrof. Daar waren de drie ballonvaarders na een zware ijswandeling naar toe gelopen, na een gedwongen landing met de ballon. Hoe hun reis verlopen was kon opgemaakt worden uit het dagboek van Andrée, de aantekeningen van Fraenkel en de foto´s en brieven van Strindberg. Dat materiaal was in de ijsmassa goed bewaard gebleven en heeft als basis gediend voor de inrichting van het museum in Gränna.


De ontdekking van de Andrée-expeditie werd een wereldsensatie en de overblijfselen van de expeditieleden werden in de herfst van 1930 onder grote eer naar Zweden gerepatrieerd en begraven in Stockholm. Uitrusting en andere documentatie van de expeditie werden tentoongesteld en zijn tegenwoordig te zien in het Gränna-museum, Andréexpeditionen Polarcenter.


In juli 2021 bezochten wij dat museum en raakten we erg onder de indruk van dit verhaal. Ter plekke kochten we een boek over de expeditie en een film op dvd. In het boek en op de film vernamen we hoe de drie hebben gestreden op de ijsvlakten, tegen de elementen en tegen de ijsberen. Het blijkt, dat de wind na een halve dag varen al van richting veranderde en ze niet dichter bij de Noordpool kwamen. Al na twee dagen begon de ballon hoogte te verliezen, ondanks het overboord gooien van zware spullen. Waaronder vele zakjes met zand en allerlei andere bagage. Alsook de grote boei met de Zweedse vlag, die vanuit het mandje van de ballon op de Noordpool gegooid zou worden, ten teken dat de Zweden als eerste de Noordpool hadden verkend.

Het verliep heel anders dan gepland. Zoals gezegd, werd na twee dagen de ballon aan de “grond” gezet. De grond bestond echter uit ijsschotsen. Met behulp van de meegebrachte sleeën vervoerden ze veel van hun lading mee op hun tocht naar een veilige plaats, voordat de ijskoude winter zou beginnen. Ieder bemanningslid trok een slee achter zich aan met daarop ongeveer 200 kilogram (!) aan spullen. Het werd een uitzonderlijk barre tocht, die enorm veel kracht en inspanning heeft gekost.
         
Soms liepen ze vele kilometers richting het zuiden om die dag uiteindelijk toch noordelijker te eindigen. Dat kwam omdat de ijsschotsen door de stroming en de wind naar het noorden werden geblazen. In het besef, dat ze Spitsbergen niet meer voor de winter zouden bereiken, bouwden ze een kamp op het eiland Vitön. Daar zijn alle drie uiteindelijk gestorven. Een indrukwekkend en triest verhaal over drie helden. Een ontdekkingsreis, waar we meer over hebben gelezen en gezien, nadat we in het museum werden gepakt door hun verhaal.
*
Onderstaand een filmpje van ongeveer vijf minuten. Ze zingen over de expeditie en laten vele beelden zien. Wij vonden het in ieder geval heel interessant. Mocht je ooit in Gränna komen (gelegen aan het Vättern meer en aan de snelweg E4 van Jönköping naar Stockholm) is een bezoekje aan dit museum echt aan te raden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


CAPTCHA Image
Reload Image