Toch nog naar Nederland!

Toch nog naar Nederland!


We hebben besloten, om de boottocht niet vooruit te schuiven, maar daadwerkelijk vrijdag 7 augustus te gaan varen! Dat betekent, dat we bij de verjaardag van Heiko zijn vader kunnen zijn. Dat is de allerbelangrijkste reden om te gaan. Het betekent ook, vroeg opstaan op de vrijdagochtend. Want het is immers ongeveer vijf uur rijden naar de haven in Malmö. Dit is inclusief pauzes trouwens hoor. De boot gaat om tien uur ´s ochtends, alleen moet je er uiterlijk om negen uur zijn. Conclusie: om vier uur vertrekken en uiterlijk om drie uur opstaan. Poeh, best vroeg! Maar we zijn het inmiddels gewend. Hopelijk verloopt de rit met de auto nu beter, dan toen Heiko in mei alleen naar Nederland ging. Toen met de Volvo, waarmee hij een probleem met de turbo kreeg. Nu gaan we met de Hyundai én samen. Dan gaat het vast beter.

Om het weer hoeven we de reis naar Nederland in ieder geval ook niet te laten. Van onze gastvrouw voor die week, Froukje, kreeg ik vandaag dit berichtje! Ze had even naar de weersvoorspelling gekeken en vond het de moeite waard ons er even van op de hoogte te brengen. Nou, we mogen en gaan dan ook beslist niet klagen! Tjonge, wat een temperaturen worden er verwacht! Wel lekker hoor, om buiten te kunnen zijn. Niet alleen voor wat betreft het zonnetje en daarmee vitamine D, maar zeker ook in verband met de pandemie. Kun je toch de gewenste afstand houden, terwijl je gezellig met elkaar aan het kletsen bent! Nog een bijkomend voordeel: de koffer wordt niet zo vol, want zomerkleding neemt nou eenmaal vele malen minder ruimte in dan winterkleding!

Heiko ging zich vandaag druk maken met de stukken balk, die onderdeel hadden uitgemaakt van spanten van de gesloopte, overdekte veranda van de vorige eigenaar. Ook dat was meegekomen vanaf Tranås. De balken hebben een redelijke afmeting en een lengte van ongeveer twee meter. Vooralsnog vond Heiko het zonde, om die in stukjes te zagen en daarna in de kachel te verbranden. De delen moesten echter wel schoongemaakt worden, want er zaten veel spijkers in en er zat nog ander hout aan vastgespijkerd. Een klusje voor het breekijzer. Het lastigste waren de kramplaatjes. Die zaten zo goed vast, dat er veel geweld aan te pas moest komen, om die los te krijgen. Toch is het gelukt. De balken zijn ontmanteld en liggen nu in de houtstek te wachten op een nieuwe bestemming.

Misschien een tijdelijk onderkomen voor de zitmaaier, zolang de carport nog niet klaar is? De zitmaaier staat nu namelijk in de garage, maar ergens verdampt er benzine uit de grasmaaier. ´s Morgens hangt er in de garage zodoende een enorme vieze benzinelucht. Daarom willen we de zitmaaier graag buitenshuis stallen. Op de foto hieronder is te zien dat het gezaagde hout in de grijpvoorraadbak ligt. De hoeken van de spanten, waar de verschillende balken samen kwamen en waar grote kramplaten op gespijkerd waren, zijn compleet in de houtbak voor de kachel beland. Die gaan zo de kachel in en na het verbranden worden de kramplaten weer uit de as gehaald. Misschien geschikt voor hergebruik?

De stukken plank van 120 en 80 cm die Heiko nog wilde bewaren, zijn keurig opgestapeld op een pallet. Later werd dat stapeltje afgedekt met een ander blauw dekkleedje. Daar zal de voorste punt van het dak van de carport van gemaakt worden. Voor de achterste punt is er niet genoeg waarschijnlijk, maar wellicht komt er nog een keer zo´n aanbod van sloophout voorbij op Marketplace. Heiko is al weer aan het kijken…
 
Terwijl Heiko met het hout aan het spelen was, was ik met de maandelijks back-up van onze computer begonnen. Het was immers 1 augustus geweest. Toen ik een reserve kopie van de back-up wilde maken, op een externe harde schijf die we altijd in de auto bewaren, gaf die aan dat die vol zat! Daar kan 1 terabyte aan data op! Nou ja zeg… Daar moest ik iets aan doen. Op die schijf staan alle foto´s én alle documenten van onze digitale administratie. Dat laatste staat én op de laptop én in de cloud én op een externe harde schijf. Oké, oké, dat is wel voldoende zekerheid. Ik had er eigenlijk nooit over nagedacht nadat we de documenten ook in de cloud gingen opslaan, dat het nu niet meer naar deze harde schijf gekopieerd hoefde te worden. Ik besloot om de documenten eraf te gooien, waarna ik ineens een kwart (oftewel 250 gigabyte) weer vrij had. Toen konden alle recente foto´s er gelukkig weer bij op.

Uiteraard werden ook alle documenten weer in de juiste mapjes naar de cloud ge-upload. We kunnen nu weer overal ter wereld onze documenten oproepen. Het is al een paar keer voorgekomen, dat we ergens in een winkel of in de apotheek staan, of bij vrienden zijn en dat we “iets” aan informatie moeten hebben. Geen probleem! Even naar Google Drive, inloggen en binnen een minuut hebben we een document te pakken, waar de gevraagde informatie opstaat. Dat scheelt soms een extra ritje. In de oude situatie zou je dan van de winkel naar huis rijden en de gevraagde informatie opzoeken, om vervolgens weer terug te rijden. Deze manier van werken levert ons niet alleen tijdwinst op, maar ook een goed gevoel. Je kunt immers altijd en overal bij de documenten.

In de vijver zitten inmiddels meer en meer dikkopjes. Ontelbaar veel. Wat toch een fantastisch beeld. En het is zo leuk om te zien, dat de kleine kikkertjes niet allemaal dezelfde stadium hebben. Zo hebben een aantal namelijk de grotere staarten nog en geen achterpootjes en anderen nog slechts een klein staartje en wél achterpootjes. Die moeten toch uit verschillende “nestjes” komen? Overigens zit het gedeelte van de vijver waarin de dikkopjes zich bevinden behoorlijk vol met alg. In dat stukje, aan de kant van het huis, staat het water nagenoeg stil. Aan de andere kant van het eilandje, aan de achterkant, stroomt het water nog. Heeft dat er wellicht iets mee te maken? Of zijn het de andere planten? Uiteindelijk is alg een plant. Het is jammer, dat het water niet meer helder is. En hoewel ik groen een leuke kleur vind, niet in de vijver. We gaan op zoek naar een oplossing. Ook voor de dikkopjes, zodat ze meer van de grote wereld kunnen zien!
 
Ze lijken zo gewoon, maar je komt ‘m echt zelden tegen: de roggelelie! We zagen ze toevallig in een stuk land met alleen maar onkruid. Ze vallen meteen op door hun prachtige kleur. Hoe wisten we dat het roggelelies waren? De bloembladeren staan recht overeind, ze zijn eivormig, terwijl de moderne, gekweekte variant rechtere bloembladen heeft. Ze zijn echt knaloranje. Als er rood of bruin aan zit, dan is het geen roggelelie, aldus een kenner. Roggelelies zijn momenteel niet meer veel aanwezig: hun voortbestaan wordt bedreigd. Ze groeiden vroeger op kalkarme akkers waar winterrogge stond. De plant voelde zich daar thuis. Winterrogge wordt weinig meer verbouwd.

Daarnaast is de grond rijker geworden door bemesting, er zijn meer chemische bestrijdingsmiddelen en er wordt dieper geploegd dan vroeger. De knolletjes komen daardoor te diep te liggen, waardoor ze niet meer boven de grond kunnen groeien. Nog even een paar cijfertjes. Tot het einde van de jaren twintig was rogge in Zweden de belangrijkste broodsoort. De totale roggeoogst varieerde tussen iets meer dan 670.000 ton in 1921 en 73.000 ton in 1963. Het areaal rogge in Zweden is in de 20e eeuw aanzienlijk afgenomen. Van 1919 tot 1999 nam het areaal, het verspreidingsgebied van rogge, af van iets meer dan 372.000 hectare tot ongeveer 25.000 hectare. Dat zegt genoeg… Jammer, want het is een schitterende plant. Misschien moeten we terug, om nog knolletjes te zoeken, zodat we ze hier in de tuin kunnen poten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


CAPTCHA Image
Reload Image
Översätta