Omgeving Ödarp vroeger

Omgeving Ödarp vroeger


Van mijn neef Sietse kreeg ik via WhatsApp een topografische afbeelding van onze omgeving in 1960 én in 1975. Wat super! De bovenste foto is van 1960 en die hieronder is van 1975, 15 jaar later. In het midden op die foto´s zie ons huis staan en links daarvan een paar bomen én ten noorden ervan heel veel bomen. Ook zie je links een witte stip, wat op een waterplas lijkt. Maar wat zie je rechts… landbouwgrond. Terwijl er nu een enorm groot bos staat, waar overigens de machines de laatste week al bijna 24/7 bezig zijn met het omzagen en ophalen van de stammen. Tjonge, wat is er dan veel bos aangeplant na 1975. De bomen die ze nu rooien zijn, snel gerekend, maximaal 45 jaar oud.

Het lichte strookje bomen onder ons huis en wat doorloopt tot de rand van de foto, behoort tot ons perceel. Op de foto van 1960 nog licht en op de foto van 1975 al wat donkerder. De bomen zijn ondertussen gegroeid. De witte stip (watertje?) is op de onderste foto verdwenen. Overigens is het bos op die plaats ongeveer 5-6 jaar geleden gerooid en staat er nu weer jonge boompjes te groeien. Leuk om deze plaatjes te zien. Zo leren we weer een beetje kennen van de geschiedenis van onze omgeving. Eerst al over het huis en nu over de omgeving. Interessant hoor!
 
Heiko ging op deze warme dag verder met het ontmantelen van de container. Nu was de zijkant aan de tuinzijde aan de beurt. De lange zijde van de 7,80 meter lange container werd plankje voor plankje ontmanteld. De mooie, in de jaren zeventig populaire kleurencombinatie geel met bruin op de containerwand, kwam meer en meer in zicht. Dat het nu een sieraad voor de tuin en voor het oog kan ik dat nou eigenlijk niet zeggen. Gelukkig wordt deze volgende week opgehaald. De meeste planken konden vandaag heelhuids verwijderd worden. Onder een luid krakend geluid lieten de lange spijkers zich trekken, nog steeds met behulp van het breekijzer. Dit viel erg mee en ging redelijk snel. De planken zijn voor het gemak eerst even op een grote stapel gegooid en moeten later nog weer een voor een in de handen gepakt worden, om alle spijkers te verwijderen. Dat komt (ook) later.

Toen werden eerst meters gemaakt, zodat de containers vrij staan en opgehaald kunnen worden. Op de containerwand waren diverse resten van grote wespennesten zichtbaar. Gelukkig waren deze allemaal verlaten. Stel je voor zeg, dat je een plank eraf trekt en daarmee een wespennest meeneemt. Inclusief bewoners. Oef, niet aan denken! Dan moet je heel hard kunnen lopen… Na vandaag rest nog slechts één zijwand, die grenst aan het stuk land van de man uit Eksjö. Misschien morgen. In de namiddag hebben we nog even samen een stapeltje rommel opgeruimd. Heiko haalde de spijkers uit de korte stukken plank en sorteerde op “hergebruik” en “kachel”. De stukken die in de kachel konden zaagde ik vervolgens met de decoupeerzaag op de workmate op de juiste lengtes. Een uurtje later was die stapel weg en leek het alweer iets meer opgeruimd in de tuin. Toen we halverwege de dag keken leek het net een sloopbedrijf, stortplaats of industrieterrein met rommel overal.
 
Zoals gezegd was er vandaag ook weer een hoge temperatuur te meten. Op het heetst van de dag maar liefst 29 graden! Daar hebben wij al moeite mee, laat staan dieren. We merkten het ook aan de dametjes Jikke en Ebba. Jikke was behoorlijk onrustig en lag steeds bij ons in de buurt. Het liefst in de schaduw, in het koude(re) gras of op de veranda, op de ietsjes aangenamere vloer. Echt een plekje waar ze het langer kon volhouden kon ze maar niet vinden. Daarom ging ze volgens mij maar steeds met ons mee. Waarschijnlijk met het idee, dat wij ook naar koelere plekjes zochten. Ebba daarentegen ging de kelderhal in. Daar, alsook in de kelder zelf, is het nu aangenaam. Daar hebben we op enig moment Jikke ook heen gebracht. Ze bleef daar ongeveer een minuut of tien en toen zagen we haar alweer in het gras liggen. Arme meiskes…

Deze keer liepen we na het eten ietsjes verder richting het noorden, naar het grote stuk land, waar een stuk of tien koeien lopen. Waaronder deze mooie bruine dame, met die opgemaakte ogen. Wát een schatje! We hebben haar maar een naam gegeven, zodat we weten over welke koe we het hebben. De naam? Rosa. Op de verpakking van onze slagroom staat namelijk, dat maar liefst 71.000 koeien in Zweden zo heten. Ja, dan deze mooie ook! En wees eerlijk: een Bertha of Greta past hier niet. Het is overigens wel een “tante” hoor. Een beetje eigenwijs, met de neus in de wind. Zou ze weten dat ze mooi is? Natuurlijk zijn die anderen ook mooi en lief, maar deze is echt super getekend. Dat koeien erg nieuwsgierige beesten zijn bleek wel weer. Je roept er één en de hele kudde, inclusief de koeien die een heel eind verderop op het stuk land liepen, kwamen naar ons toe. Dat leverde in de ondergaande zon nog een leuk plaatje op.

Ook de koeien op het weilandje ertegenover kregen natuurlijk hun aandacht weer. De grote bruine begon zelfs al te loeien op het moment dat ze ons aan zag komen. Toen we even een poosje aan de andere kant van de weg stonden, bij Rosa, begon ze opnieuw te “praten”: “Hé, ik ben er ook nog!” We verbazen ons er in positieve zin over, hoeveel ruimte de koeien hier hebben. Deze twee koeien bijvoorbeeld hebben vlak bij ons huis een enorme oppervlakte aan grasland en bos, om in te kunnen vertoeven. Het gras dat daar groeit krijgen deze twee nooit op. Het stemt mij vrolijk, ik hou immers van koeien, dat deze in zo´n mooi landschap mogen leven en met zoveel ruimte.

Toen we terugliepen naar huis zagen we heel in de verte een zwart stipje op het pad, dat tegenover ons huis omhoog loopt. Wat zit daar dan voor een beest? De camera met geweldige zoomlens bood soelaas. Even inzomen en… Het is Ebba! Even haar op de gewoonlijke manier roepen. “Hé meissie… Kom dan…” Ja hoor, daar kwam ze naar beneden gespoed. Op het moment, dat ze dichterbij kwam, zagen we, dat ze zelfs met een muis in de bek liep. Helemaal van boven! Het is duidelijk, dat de omtrek van hun jachtterrein inmiddels al enorm vergroot is, in de bijna twee jaar dat Jikke en Ebba nu bij ons zijn. Eenmaal bij ons gekomen liet ze het muisje vallen en wilde ze alleen maar onze aandacht. Ook Jikke was er bijgekomen en zelfs die gaf Ebba aandacht. En het muisje? “Wat muisje? Waar?”
  

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


CAPTCHA Image
Reload Image
Översätta