Heel veel keepjes!

Heel veel keepjes!

 
Heel even dacht ik dat “meneer de goudvink” toch was teruggekeerd, omdat ik een vogeltje zag met een oranje borst. Toen ik echter beter keek zag ik, dat het om een keep ging. Kepen zijn de “noordelijke tegenhangers” van de vink. In Nederland broeden jaarlijks slechts enkele kepen: om meer dan drie tot vijf paren lijkt het niet te gaan. Hoe anders is het in Scandinavische landen, waar de keep een van de talrijkste broedvogels is. Kepen houden zich ‘s winters vaak op in gemengde groepen, dus mannetjes en vrouwtjes bij elkaar. Ze zijn net zo groot als vinken, echter vallen vooral op door de combinatie van witte buik en oranje borst en vleugeldekveren. Daarnaast zitten er ronde donkere vlekken op de flanken en heeft hij een gele snavel met een zwart puntje. In zomerkleed hebben mannetjes een ongetekend oranje keel en borst en een glanzend blauwzwarte kop en mantel. Vrouwtjes hebben slechts een oranje tint op de borst en hebben een bruingrijze kop. In de winter hebben mannetjes lichte, roestbeige zomen aan de zwarte veren waardoor ze een nogal bont uiterlijk krijgen. Van het mannetje en het vrouwtje kon ik een redelijke foto maken.
    
Keepjes broeden het liefst in het zuiden van Scandinavië en dan met name in zuid Noorwegen. Dat doen ze daar vanaf medio mei, terwijl ze vanaf begin juli in zuid Zweden beginnen met broeden. Kepen broeden vrijwel uitsluitend in Noorwegen, Zweden, Finland en Rusland. Een keep heeft doorgaans één, soms twee legsels per jaar met 5 tot 7, soms 8, eieren. De broedduur is veelal 11 tot 12 dagen en de jongen verlaten het nest al als ze amper 14 dagen oud zijn. De broedgebieden van kepen zijn meestal gemengde bossen en naaldbossen, die hier natuurlijk in groten getale aanwezig zijn. Nu we richting de winter gaan kunnen kepen vooral gevonden worden op akkers langs de vele bosranden. De zaden van een beuk bijvoorbeeld vormen een van de belangrijkste voedselbronnen voor deze vinkachtige. In de zomer worden insecten en zaden gegeten en ‘s winters uitsluitend zaden en besjes. Ja, onze lijsterbessen. Soms kunnen ze in grote groepen op zoek naar eten en dat vonden ze aan onze oprit, in de lijsterbesbomen. De onderste foto is daarom ook een zoekplaatje: ik tel er een groepje van acht keepjes. En jij? Mooie beestjes!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


CAPTCHA Image
Reload Image
Översätta