Goudvink eet zich zát

Goudvink eet zich zát

 
We zouden net de weg oprijden toen Heiko toch weer op de rem trapte. Hij zag in het gras een vogeltje zitten, met wel hele mooie kleuren. Het was een goudvinkje! Net aan komen vliegen en totaal niet bang voor ons. Hij had maar één doel en dat was eten! Hij deed zich tegoed aan de uitgebloeide paardenbloemen. Nooit geweten, dat ze dat zo lekker zouden vinden. Hij at niet slechts een paar pluisjes, maar hij blééf maar eten. Nou weet ik inmiddels, dat doordat hij geen heel sterke snavel heeft, hij geen harde pitten en zaden kraakt. Hij eet namelijk vooral bessen (liguster en braam) en kleinere zaden. Zoals van allerlei kruiden, bijvoorbeeld de brandnetels. Zijn snavel is ook erg geschikt om knoppen van twijgen af te knippen: bladknoppen, maar vooral bloemknoppen. Vlak voordat de knoppen openspringen zijn ze erg energierijk. Paartjes of kleine groepjes goudvinken struinen dan graag de takken af om zich te goed te doen aan knoppen van wilde soorten bomen en struiken, zoals kerspruim of kornoelje. Maar een tuin of een boomgaard is natuurlijk een walhalla voor ze. En deze meneer was dan ook helemaal in zijn nopjes met onze uitgebloeide paardenbloemen. Eet smakelijk, kereltje!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Översätta