Eerste helft van hal wit

Eerste helft van hal wit

  
Vandaag ging het gelukkig alweer een stuk beter met Heiko zijn rug. Daarom wilde hij een doorstart maken met het schilderen van de hal beneden. Met behulp van de kleine schuurmachine, met een driehoek schuurkop, die hij van zijn vader had gekregen, ging hij verder met het schuren van de kozijnen. In deze hal zitten in totaal zes kozijnen en daartussen lambrisering. Daar zit dus wel voor een paar uurtjes werk in. Het mooie van zo´n schuurmachine met een driehoekje erop is, dat je perfect in de hoeken kunt komen. Daarbij komt dat je de stofzuiger erop aan kunt sluiten, waardoor het geen grote stofbende om je heen wordt.

Nadat hij drie kozijnen had geschuurd ging hij een aantal gaatjes en oneffenheden wegwerken met snelplamuur. Dat moest vervolgens eventjes drogen. Mooi even tijd om een paar kruiswoordpuzzels te maken en het vuurtje in de kachel brandende te houden. Een uurtje later was de snelplamuur droog en kon dat voorzichtig geschuurd worden. Daarna begon hij te verven. Zienderogen werd het lichter in de hal, terwijl het buiten donkerder werd. De helft van de hal is nu gedaan. Voor de komende week wordt er behoorlijke vorst voorspeld, tot -10 ‘s nachts en overdag -5, waarmee we niet verwachten dat Heiko aan het werk kan om bomen te snoeien. Tijd genoeg dan om de hal verder af te maken. Nog twee kozijnen te gaan en een paar meters lambrisering. Daarna volgt het plafond nog.

We blijven ze plaatsen hoor: dit soort foto´s van de sneeuw. Wij genieten hier zo enorm van! Wát een mooie winter, wát een mooi landschap en wat zijn wij enorme bofkonten, dat we hier kunnen en mogen wonen. Te midden van al dit moois. Na de regenachtige en sombere periode gedurende de herfst, is dit een beloning voor de beproeving van die mindere periode. De gevallen sneeuw blijft voorlopig nog wel eventjes liggen, omdat het, zowel ´s nachts, als overdag vriest.
 
 
Deze foto van de tuinset op ons terras plaatste Heiko als grap op Facebook. Met daarbij de tekst: “Als je op visite wilt komen, zelf stoelen meenemen. Deze zijn bezet!”. Nou inderdaad, deze stoelen en het tweepersoonsbankje zijn volledig vol gesneeuwd. Op de foto ernaast zie je ons trapje vanaf de oprit, waar de auto´s staan, naar de trap die naar de keukendeur leidt. Van de trap is niets meer te zien. Het is eerder een glijbaan geworden. De komende tijd nemen we wel een andere route.

Onderweg tussen Tranås en Ödarp zag ik in het veld deze schaftkeet staan. Blijkbaar zit er een kachel in de keet! Er kwam namelijk rook uit het kleine pijpje op het dak. Aan de andere kant van de weg zag ik enkele mannen, die een groenstrook met struiken en wildgroei van jonge bomen aan het snoeien waren. Dat wil zeggen: alles werd bij de grond weggemaaid. Alleen de berkenbomen, die keurig op een rijtje langs een slootje staan, lieten ze staan. Noodzakelijk onderhoud. Zelfs bij -5 wordt er gewoon doorgewerkt.
 
Gisteren was het de dag van de thuiszorg. Oftewel zoals ze het hier in Zweden noemen: “Hemtjänstensdag”. Elk jaar wordt op 27 januari de thuiszorg-dag georganiseerd. Speciaal voor die vele mensen, die een onmisbare taak vervullen in het dagelijks leven van anderen, zodat die personen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. De thuiszorg-dag is een moment, waarop extra aandacht besteedt aan de groep thuiszorgmedewerkers. In bijna, 365 dagen per jaar, zeven dagen per week, 24 uur per dag, komen de thuiszorgmedewerkers bij de mensen thuis en voeren hun taken uit voor degenen die hun hulp nodig hebben. Een goede werkomgeving, het recht op werkkleding, beschermende uitrusting en vaccins tegen covid-19 zijn voorbeelden van belangrijke zaken, waarvoor een stafgroep zich inzet voor leden van die thuiszorg. Diezelfde stafgroep verzorgt eveneens de viering van de Hemtjänstensdag. In de gemeente Orust werd dat zelfs gevierd met gebak. Een taart voor alle helden van de thuiszorg.

Nog even dit! Gisteren was ik naar Tranås geweest. Alweer. Maar daar gaat het niet om. Het ging om het filmpje hierboven. Heiko had de oprit schoongemaakt en was nog buiten toen ik weer thuis kwam. Hij filmde dat. Niets mis mee. Zou je zeggen. Maar toen ik het filmpje voor een tweede keer afspeelde, hoorde ik, dat Heiko een opmerking maakte, waarbij ik mijn vraagtekens had. Hij zei namelijk: “Auto is onbeschadigd, zo te zien, dus ze heeft niet in een slootje gezeten…” Ha! Hoezo “in een slootje”? Nee, de sneeuw was al meerdere keren van de weg geschoven en er was zand gestrooid. Dan lukt het je niet zo snel om in de sloot te belanden. Alhoewel: je moet in deze situatie het noodlot maar niet tarten. Voordat je het weet moet je bellen en vragen of ze je daadwerkelijk uit het slootje willen trekken…

“Een ongeluk zit in een klein hoekje”. Dat is algemeen bekend gezegde. Een ander gezegde is: “Waar gehakt wordt vallen spaanders”. Tel die twee bij elkaar op en het resultaat is een blauwe nagel. In dit geval werd er niet gehakt, maar gekloofd. Tijdens het kloven van de dikke houtblokken ging er iets mis en zo zit Heiko nou met een kleine bloeduitstorting onder een nagel. Er viel namelijk een van die grote jongens terug en die viel stil tegen de kloofmachine. Laat Heiko zijn vinger daar nou precies hebben… Auch! Gelukkig heeft hij er nu nauwelijks last meer van, maar ik wilde toch niet onvermeld laten, dat het klussen soms ook wel eens een klein ongemakje met zich meebrengt. Het gaat niet altijd van een leien dakje. Het eten van vanavond maakte ook weer veel goed. Hij kreeg een van zijn favoriete maaltijden: rijst met kip. Hij slikte zijn “vingers” erbij af!

Is dit geen schattig beeld? Dit wilde zwijn is waarschijnlijk zijn roedel kwijtgeraakt en heeft zich nu aangesloten bij een kudde hooglanders! Al bijna een maand leeft dit everzwijn, genaamd Pumba, in een weiland net buiten Aneby. Zijn nieuwe familie bestaat uit vier stevige hooglanders. Het schijnt dat het jonge wilde zwijn zomaar op enige moment is verschenen en sindsdien bij deze groep is gebleven. Het vee heeft hem met warmte ontvangen. Vooral Maja, een vrouwelijke hooglander, lijkt als een moeder voor hem te zijn. In het begin rende Pumba vrij snel weg als de eigenaar van de hooglanders dichterbij kwam. Later werd hij steeds makker. Het zwijntje wordt Pumba genoemd, hoewel het onzeker is of het een beer is of een zeug. Dat ziet de eigenaar later wel. Voor boeren kunnen wilde zwijnen heel vervelend zijn: ze vernietigen bossen en bouwland. Ook voor de boer in wiens kudde hooglanders dit wilde zwijn nu leeft, is het niet echt een favoriet dier. Alleen met Pumba is het (momenteel nog) anders. “Hij kan hier blijven zolang hij wil”, aldus de boer uit Aneby.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


CAPTCHA Image
Reload Image