Blåbär plukken, grasmaaien en lekker eten

Blåbär plukken, grasmaaien en lekker eten


Vanmorgen waren we allemaal al vroeg uit de veren. Normaliter staan wij zo tegen de klok van zeven uur op en hebben we nog een uurtje voor onszelf, maar deze ochtend waren onze gasten ook reeds tegen half acht beneden. En dat terwijl ze vakantie hebben! Het lag niet aan de bedden zeiden ze, want die liggen prima. Ze wilden gewoon niets van de dag missen! Zodoende hadden we een mooie lange en vooral warme, zonnige dag voor ons. Na het uitgebreide ontbijt dronken we onze koffie op het terras in zon.
   
We noemden nogmaals hoe fijn dát plekje op het terras nu werkelijk is. Het maken van een terras aan díe zijde van het huis (op het oosten) was echt een schot in de roos. De parasol moest er al snel bij opengedraaid worden, omdat de zon best wel al veel kracht had vanmorgen. Samen spraken we daar de dag door en besloten we, dat ik met mijn gasten blåbär (bosbessen) zou gaan plukken en dat Heiko het gras zou gaan maaien in Flisby.
  
Het plukken van blåbär is natuurlijk iets typisch Zweeds met die handige “besjes-afhaal-dingetjes” van plastic. En dat moet je een keer gedaan hebben met je gasten, vinden wij. Ik reed met mijn gasten richting het noorden, naar een stukje bos waar de blåbärstruikjes groeien zo ver het oog rijkt. We waren niet de enige plukkers op dat stukje. Tja, het is de tijd van het jaar en dan zie je overal mensen in het bos, met een kromme rug over de struikjes gebogen. Nog geen uurtje uur later hadden we een klein emmertje voor driekwart gevuld en vonden we het welletjes. Eenmaal thuis wogen we de blåbär en bleek er bijna 1.500 gram in de emmer te zitten. Voldoende om een aantal keren een taart of muffins van te maken. Na thuiskomst meteen maar even de besjes uitgezocht, de groenen er tussenuit, alsmede de blaadjes, gewassen en daarna in bakjes in de diepvries gedaan. We kunnen weer even vooruit.
 
Voordat we waren vertrokken hadden we samen de aanhanger uit de garage getrokken, zodat Heiko de grasmaaier via de aluminium oprijplaten erop kon rijden. Hij was vanochtend namelijk wakker geworden met een zeer stijve en pijnlijke rechter schouder en kon wel even hulp gebruiken bij het naar buiten trekken van de aanhanger. Grasmaaien was gelukkig geen probleem, want dat gaat eenvoudig met de zitmaaier. Heiko reed richting het zuiden, naar het lege huurhuis van onze vrienden Riks en Phaedra. Vanuit Flisby stuurde Heiko een paar foto´s en berichtjes van en over de vorderingen, zodat we ongeveer wisten hoe laat hij terug zou zijn.
 

Het gras had erg zijn best gedaan om te groeien en het maaien was dan ook geen overbodige actie. Deze keer had Heiko ook de elektrische trimmer meegenomen, zodat hij de randjes rond het huis, schuurtje en de veranda ook kon maaien. Dat dit geen luxe was is te zien op de foto´s. Op de foto meteen hierboven is heel duidelijk te zien, waar Heiko met de zitmaaier al was geweest en welke gedeelte nog gemaaid moest worden. De twee opvangbakken achter de zitmaaier werden regelmatig leeggegooid, omdat ze al snel weer vol zaten. Niet alleen met afgesneden gras trouwens. Op het gras lagen heel veel dennenappels en die knalden ook in de opvangbakken. Of ze schoten ineens een paar meter opzij, vanonder het maaidek vandaan. Na bijna twee uur was Heiko tevreden over het eindresultaat en reed hij de zitmaaier weer op de aanhanger.

Terug in Ödarp zetten we samen de aanhanger en grasmaaier weer in de garage en konden we aan de lunch beginnen. Na de middag reden we naar het Harley museum: Peter’s Harleyseum in Frinnaryd. Dat had Heiko bij toeval ontdekt toen hij vorig jaar op zoek was naar een grote 1.000 liter watertank, waar regenwater in opgevangen kon worden. Via Marketplace kwam hij toen bij een zekere Peter in het dorpje Frinnaryd uit en die bleek daar een Harley Davidson museum te hebben. Dát had Heiko onthouden, want als we bezoek uit Nederland zouden krijgen, moest dát museum zeker bezocht worden. En zo geschiedde vandaag.
 


Het museum was echt héél leuk om te bekijken, niet in de laatste plaats vanwege de vriendelijkheid en gastvrijheid van de bescheiden beheerder van het privé museum. Beheerder Peter was zelf erg trots op zijn verzameling en wist ons over alle items wel iets te vertellen. Overal zat een verhaal achter. Zelf reed hij helaas geen Harley meer vanwege een ziekte, maar hij wist er wel heel veel over te vertellen. Hij vond het geweldig dat er Nederlanders naar zijn museum waren gekomen en wilde graag een foto van ons maken. Die foto zagen we de volgende dag terug op de facebookpagina van zijn museum. Na dit bezoek reden we naar Tranås. Daar wilden ons bezoek ons trakteren op een diner. In december waren we daar ook met hen geweest. De keuken is er fantastisch. Nou ja, ik bedoel de kok natuurlijk. Die maakt hele lekkere dingen én presenteert het ook nog eens top! Hoe het restaurant heet? Strandbaren in Tranås tegenover de grote ICA, heel rustig gelegen aan het water.
   
We zaten buiten op het overdekte terras, maar vanwege de heerlijke temperatuur deed de eigenaar het dak gelukkig open. Wellicht mede vanwege corona? Na ons kwamen meer gasten binnen en raakten de tafeltjes, die overigens zeer ruim stonden opgesteld op meer dan 2 meter van elkaar, langzaamaan bezet. De dames kozen voor een zalm en de beide mannen voor de mix-grill vlees. Alles werd geserveerd op een plankje die getuige de zwarte kleur, al vaak in de oven had gezeten. Bij de vis respectievelijk het vlees werd op creatieve wijze aardappelpuree gepresenteerd en een beetje gewokte groente. Héérlijk!

Toen we weer thuis waren dronken we daar een kopje koffie samen, waarna onze gasten vertrok naar Solviken voor de overnachting. Ze waren vier dagen, drie nachtjes, bij ons in huis geweest en wilden nu niet langer beslag leggen op onze gastvrijheid. Nu gaan ze een aantal nachtjes in Solviken slapen, om vervolgens nog weer een paar nachtjes bij ons te komen en dan vanaf hier weer terug naar huis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


CAPTCHA Image
Reload Image
Översätta